Corcovado, het mooiste natuurpark van Costa Rica

Het is biologisch gezien ‘de meest intense plek op aarde’, aldus National Geographic. Nergens anders vind je zo veel soorten dieren op zo'n klein oppervlak. Corcovado National Park is misschien wel het meest bijzondere natuurgebied in Costa Rica.

Tekst: Victoria Farkas/foto’s: Jan Hazevoet

Natuur kijken is in Costa Rica goed geregeld en bij de meeste parken kun je met je huurauto zowat naar binnen rijden. Maar Corcovado bereiken is best wel een onderneming. Het meest afgelegen park van het land ligt op een schiereiland in de Stille oceaan en is alleen via de zee bereikbaar. Dat betekent een boottocht van een paar uur vol gas en gegarandeerd een houten kont van het gebonk.

Maar dan heb je ook wat. Vanaf ons bootje ziet het Nationale Park Corcovado eruit als een perfect tropisch plaatje: schitterende afgelegen baaien met wuivende palmbomen, groene jungle met kleurrijke papegaaien en witte stranden waar de golven van de Stille Oceaan kalmpjes tegenaan kabbelen.

Modderpoelen

“Het ziet er mooi uit, inderdaad!”, roept onze gids Faustino boven de motor uit. “Maar in die blauwe kreek daar zwemmen hongerige krokodillen en heel agressieve stierhaaien. En die witte baai daar is bij hoogtij afgesneden van het kustpad, zodat je de nacht in de jungle moet doorbrengen als je te laat bent”, roept hij. “Als het pad al begaanbaar is, want meestal zijn dat dampende modderpoelen”, zegt de ervaren gids. ‘Dus geniet nog maar van de frisse zeebries!"

De bootsman zoekt voorzichtig een plek tussen de rotsen om aan land te gaan. Het motorlawaai pruttelt weg en wordt overstemd door het geruis van de golven en getjirp uit de jungle. We waden door het warme water naar het strand, banen ons een weg door de duisternis onder de bomen. Faustino loopt voorop, maar al na een paar passen staat hij stil en wijst hij naar dicht struikgewas. Ik kijk, hoor gekraak en geritsel en… zie nog net iets wegrennen, een grote donkere schim. “Een tapir”, fluistert Faustino. “We hebben hem gestoord in zijn middagdutje. Wacht maar, we komen er nog wel een tegen”, zegt hij. “Dat beloof ik.”

Dat hoop ik maar, want een tapir is het grootste landdier van Midden-Amerika en staat hoog op mijn lijstje. Deze verre verwant van de neushoorn kan wel 400 kilo zwaar worden en twee meter lang. De pootafdruk die Faustino laat zien is al indrukwekkend: drie tenen die diep in de modder steken.

Maar ondanks dat hij zo groot is al een tank, is een tapir moeilijk te spotten. Overdag zoekt hij een beschutte plek op om te slapen en probeer hem dan maar eens te vinden in dit groene doolhof. Pas bij zonsondergang komt hij tevoorschijn om te grazen. Opeens klinkt er weer geritsel. Even staat mijn hart stil… zou het een tapir kunnen zijn? Eentje die trek heeft in een middagsnack?

Nee, het is geen tapir. Voor onze ogen trekt een grote groep coati’s voorbij. De witsnuitberen scharrelen met hun lange neuzen over de junglevloer, wroeten onder boomstammen, in nesten en andere interessante holen, op zoek naar eten. Net zoals andere kleine beren zijn het alleseters. Spinnen, duizendpoten, insecten, muizen kikkers, hagedissen, noten en vruchten: er staat van alles op het menu. Vandaag zijn het landkrabben. We horen overal een smakelijk gekraak, van verse krabben die niet op tijd konden wegkomen.

Dan ineens is er grote onrust. Binnen een oogwenk schieten alle coati’s in de bomen, hun instinct bij gevaar. Even is het onduidelijk waarom de beertjes zo in paniek zijn. Dan volgen we hun blik en zien we de reden: er staat een mannetje recht tegenover een groot vrouwtje. “Om inteelt te voorkomen worden jonge mannetjes op een gegeven moment uit de groep verjaagd”, fluistert de gids. “Dit mannetje heeft de boodschap nog niet begrepen.”

Er volgt een kort gevecht met veel geblaas en gegrom. Het mannetje druipt af, het alfavrouwtje heeft duidelijk gemaakt dat hij zijn eigen weg moet zoeken. De rust keert terug in de groep en een voor een klimmen de beren uit de bomen om verder te scharrelen. Al die tijd hebben ze ons volkomen genegeerd. “Ze vinden een familieruzie veel interessanter dan menselijke bezoekers. Dat toont wel hoe ongerept de dierenwereld hier is”, zegt Faustino.

Lawine

Een paar minuten lopen verder worden we bedolven onder een lawine van bladeren. “Een groep slingerapen in het bladerdek”, wijst Faustino naar boven. Ze zwaaien van tak naar boom, stoppen even om ons te bekijken, en slingeren dan verder. Nog geen tien meter verder klautert er een groep brulapen door de takken. “Dat is niet ongewoon”, zegt Faustino. “Als je de ene soort ziet, is de andere vaak nabij. Ze trekken samen op voor de veiligheid. Met zijn allen kunnen ze een jagende adelaar of jaguar eerder spotten.”

Ons wandelpad loopt parallel aan de oceaan en op het moment dat we het strand op lopen, wordt Faustino onrustig. Hij loopt sneller, bukt zich, kijkt in het struikgewas en loopt verder. Ook ik word onrustig. Ik houd Faustino goed in de gaten en ik merk dat ik mijn adem inhoud als hij naar een paar struiken wijst en grijnst. “Ik zei toch dat je een tapir zou zien.”

Ik loop zachtjes achter Faustino het dichte gewas in, met mijn hart ergens in mijn keel. Dan buk ik me en kijk recht tegen een paar enorme tapirbillen aan, zo dichtbij dat ik ze bijna kan aanraken. Is hij niet bang voor ons? “Nee, daarvoor is het hem te warm”, zegt Faustino. “Trouwens, waar moet hij bang voor zijn? Hij dendert zo over je heen.”

Nooit geweten dat ik zo blij kon zijn met een paar dikke harige billen met een staartje. De rest van het enorme lichaam zie ik nauwelijks. Het maakt niets uit, want het zijn wel de dikke, harige, slapende billen van een tapir, een van de diersoorten in Costa Rica die het moeilijkst zijn om te spotten.

Checklist

  • Je kunt in Corcovado alleen overnachten in een rangerstation, waar ook de parkwachters wonen. Het enige dorp in de buurt met goedkope hostels is Drake. Ook Drake ligt afgelegen en is alleen bereikbaar met de boot vanuit het dorpje Sierpe.
  • Als je niet veel tijd hebt kun je ook op het vasteland een tour boeken, bijvoorbeeld bij Dolphin Tour in Uvita. Op de dag van de tour ben je dan wel wat langer onderweg. De tours vanaf het vasteland gaan bovendien niet naar het hart van Corcovado, maar naar de niet-zo-wilde randjes. Met een beetje geluk zie je ook daar een hoop dieren.
  • En vergeet de zee niet. In de baai van Drake leven wel 25 soorten dolfijnen. Soms vormen die ‘megapods’ van wel 200 dolfijnen. Op een dolfijnentocht zwemmen ze soms met je boot mee en springen ze uit het water. De beste dolfijnentour in Drake is die van Divine Dolphin. De Amerikaanse dolfijnenfreak Sierra Goodman doet hier al zo’n 20 jaar onderzoek naar dolfijnen en weet tijdens de tocht alles te vertellen.