Op zoek naar de sprookjeskikker van Costa Rica

Knalrode ogen, een lichtgroene kop en rug, een witte buik, rode vingers en blauw met gele benen. Een dier uit een sprookjesboek? Nee hoor! De roodoogmakikikker bestaat echt; het misschien wel de bekendste kikker van Costa Rica.

Tekst: Victoria Farkas/foto’s: Jan Hazevoet

Het pad door de jungle is modderig. Af en toe blijft mijn schoen vastzitten, glijd ik bijna uit en zoekt mijn gids vaker dan een keer een andere route om grote modderpoelen te ontwijken. Af en toe stopt hij en wijst naar een bloem, een boom of een liaan, die vanuit de hemel lijkt te komen. Prachtig, maar ik wil dieren zien. Kikkers om precies te zijn. Ik ben namelijk op zoek naar de roodoogmakikikker.

Een makkelijke klus is het niet, want deze kleine nachtkikker is overdag nergens te bekennen. Maar mijn junglegids kent dit deel van de jungle net zo goed als de binnenkant van zijn broekzak, zodat ik niet veel later bij een tropische plant sta. “Zie je hem?”, vraagt hij me, en kijkt me lachend aan. Ik tuur, zoek en speur… maar hoe ik ook kijk, ik kan de roodoogmakikikker niet vinden. Een kikker met knalrode ogen, een lichtgroene kop en rug en een witte buik, rode tenen en vingers, en zijkanten en bovenbenen in blauw met gele strepen, die moet toch snel te spotten zijn in zo’n groene plant? Maar nee… niets, nada, noppes…

Mijn gids laat me niet langer in spanning en wijst naar iets groens. Het lijkt op een… bobbel. Een versteende bobbel. Serieus?! Is dat groene bobbeltje de kleurrijke kikker waar iedereen het altijd over heeft? Is dat nou onze sprookjeskikker, waar ik de halve wereld voor afgereisd ben?

Gifkikker

“Hij is goed gecamoufleerd, hè?”, zegt de gids. “Hij slaapt. Hij hangt met de zuignapjes aan zijn poten aan het blad. Daar verstopt hij zich voor de vogels en tegen de zon. Pas tegen zonsondergang komt hij eronder vandaan. Dan begint hij te zingen, om vrouwtjes te lokken.”

Voorzichtig schudt de gids aan het blad. En dan… ontwaakt de kikker. Hij opent zijn ogen en meteen begrijp ik waarom hij roodoogmakikikker wordt genoemd. Zijn ogen zijn knalrood. Dan komt hij een stukje overeind, zodat zijn rode tenen en vingers en zijn blauwe bovenbenen goed te zien zijn. Als betoverd kijk ik ernaar.

“Felle kleuren zijn de dierenwereld een waarschuwing. 'Pas op, ik ben giftig.' Maar de roodoogmakikikker is niet giftig. Hij heeft felle kleuren om zijn vijand te verwarren”, legt de gids uit. In dat ene verwarmomentje neemt de kikker gauw de blauw-met-gele-bovenbenen. Niet alleen mooi, maar ook slim! Een echte sprookjeskikker!

Costa Rica

De roodoogmakikikker is niet de enige kikkersoort in Costa Rica. Tijdens trektochten door de jungle ontdek ik dat er nog veel meer kikkersoorten bestaan. Ze zijn er in alle kleuren van de regenboog.

In Costa Rica komen zo’n 180 verschillende kikkersoorten voor. De meeste kikkers zijn nachtdieren. Ze worden pas rond zonsondergang actief. Overdag verstoppen ze zich, zodat ze nog moeilijker te vinden zijn. Om nachtkikkers te zien, kun je daarom het beste een avondwandeling maken. Samen met een gids en een stel zaklampen ga je in het donker de jungle in. Hij spot de dieren, terwijl jij je eigen tenen nog niet eens kan zien. Maar ja, het blijft natuurlijk wel natuur. Dus soms zie je tijdens zo’n avondtocht heel weinig dieren, en soms juist heel veel.

Van al die verschillende soorten kikkers zijn er zeven giftig: de zogenoemde gifpijlkikkers. De aardbeikikker is daar een van, en zoals de naam al een beetje verraadt, is de kikker rood… aardbeirood. Echt gecamoufleerd, zoals de doorzichtige glaskikker of een slapende roodoogmakikikker, kun je de kikker daarom niet noemen. Die moet toch makkelijk te vinden zijn in een groene jungle. Maar niets is minder waar. Je moet juist heel erg je best doen om de felrode kikker in die groene jungle te ontdekken.

De aardbeikikker is namelijk maar 2 centimeter. Best klein, hoewel sommige kikkers nog kleiner zijn. Daar heb je helemaal een loep voor nodig. Wist je trouwens dat er ook aardbeikikkers met blauwe jeans bestaan? Hun achterpoten zijn… blauw. Het lijkt net alsof ze een jeans aanhebben. In het Engels wordt hij daarom ook wel Blue-Jeans Frog (Blauwe-Jeans Kikker) genoemd.